Start Nieuws ESL-dagen Inhoud Weblinks

Testen ESL


Het testen van de Draadstator-ESL


Als de ESL-elementen zijn bevestigd in het frame kunnen deze aangesloten worden op de audiotrafo en de hoogspanningsunit (zie ook hoofdstuk 4.10).
Als de elementen zijn aangesloten kunnen we de ESL op de versterker aansluiten. Eerst wordt de hoogspanning ingeschakeld. Hoort u verder geen vreemde geluiden, dan kan voorzichtig de volumeknop van de versterker verder worden opengedraaid, en moet er nu muziek hoorbaar worden. Als dat niet het geval is schakelen we eerst de hoogspan­ning uit en vervolgens de versterker.

Mogelijke problemen bij dit type ESL-weergever zijn:

  • Na het inschakelen van de versterker produceert de ESL geen geluid.
    Audiotrafo verkeerd aangesloten. Aansluitingen controleren.
    Statoren maken geen contact. Aansluitingen controleren.
    Geen hoogspanning. Hoogspanningsunit inschakelen. Aansluitingen controleren.
  • De ESL tikt of vonkt met een bepaalde regelmaat.
    De folie tussen de afstandsstukken tikt of vonkt met een bepaalde regelmaat. De bui­tenkant van de afstandsstukken met een mengsel van zeepwater en grafietpoeder insmeren en laten drogen.
  • De ESL vonkt bij luide muziek-passages.
    Veldsterkte is te hoog. Polarisatie-spanning verlagen.
    ESL wordt overstuurd. Volume verminderen.
  • De ESL produceert te weinig geluid. Uitgangsspanning van de versterker is te laag. Versterker gebruiken die een hogere spanning kan leveren.
    De polarisatiespanning is te laag. Verhogen.
    Totale oppervlakte van de ESL-elementen is te laag. Meer ESL-elementen gebruiken.
  • De ESL vervormt bij luide muziek-passages.
    De versterker kan de vereiste spanning moeilijk leveren. Andere versterker gebruiken die een hogere spanning kan leveren. De versterker kan de door de ESL gevormde belasting moeilijk aan. Andere versterker gebruiken die een grote stroom kan leveren bij een lage impedantie (zie hoofdstuk 4.11). De folie heeft niet de vereiste mechanische spanning, Het ESL-element demonteren en een folie aanbrengen die de vereiste spanning heeft. Het ESL-element heeft een zeer grote afwijking in capaciteit tussen membraan en de ene, respectievelijk andere stator. Bijvoorbeeld meer dan 50 % afwijking. Als de afwij­king zeer groot is, kunt u het beste het ESL-element demonteren en de afstandsstukken van het membraan opnieuw monteren. Het membraan is statisch niet stabiel. De breedte van het membraan is groter dan 100 x de afstand tussen membraan en een stator, Het ESL-element opnieuw ontwerpen.

ESL-rasterelementen hebben een zodanig goede isolatie dat bij proeven waarbij een hoogspanning werd toegepast van twee maal de nominale hoogspanning (15 kV) er nog geen sprake was van doorslag. Bij een goed uitgevoerde bouw is het te verwachten dat ESL-rasterelementen een zeer lang storingsvrij leven zullen hebben. Het is ook bij de bouw van ESL-rasterelementen belangrijk om nauwkeurig te werken en de juiste materialen te gebruiken. Verder is het van belang dat de gesoldeerde aansluitingen van zeer goede kwaliteit zijn.
In verreweg de meeste gevallen zal de bouw van een ESL-rasterelement zonder al te veel problemen verlopen. Soms heeft een lichte demping van de achterkant van het mem­braan een gunstig effect op de weergave, vooral als de ESL vlak voor of in een hoek wordt opgesteld (zie hoofdstuk 8). Hiervoor zijn moeilijk standaard regels te geven; men zal de meest geschikte demping in de luisterruimte moeten uitproberen.
Veel breedbandraster- ESL’s hebben een membraanresonantiefrequentie met een hoge Q-factor. Dit resulteert in een te sterke laagweergave rond de resonantiefrequentie. Er zijn drie manieren om dit aan te pakken.

  1. Verhoog de externe weerstand, respectievelijk breng er een aan, Bij de ESL 175 leidt verhoging van de externe weerstand van 120 MQ tot 400 MQ tot een aanmerkelijk betere demping rond de resonantiefrequentie.

  2. Breng achter het membraan luidsprekerdoek aan. Dit fungeert als stromingsweer­stand.

  3. Als 1 en/of 2 niet voldoende is, kunt u het membraan aan de achterkant dempen met BAF of een niet te dikke, oude wollen deken. In vrijwel alle gevallen zijn de genoemde problemen dan opgelost.


Het testen van de Plaatstator-ESL
Als de ESL-elementen in bet frame zijn bevestigd kunnen we deze aansluiten op de audiotrafo en de boogspanninsunit. Zie biervoor boofdstuk 4.10. Daarna kunnen we de elektrostaat op de versterker aansluiten.
Eerst wordt de boogspanningsunit ingescbakeld. Hoort u verder geen vreemde gelui­den, dan kan voorzicbtig de volumeknop van de versterker een stukje worden openge­draaid en moet er muziek boorbaar zijn.
Als dat niet het geval is, zetten we eerst de unit uit en vervolgens de versterker. Een aantal mogelijke problemen:

Na het aanzetten van de versterker produceert de ESL geen geluid.

  • Audiotrafo verkeerd aangesloten. Aansluitingen controleren.
  • Statoren maken geen contact. Opnieuw solderen.
  • Hs-unit staat niet aan. Inschakelen.
  • Hs-unit maakt geen contact. Opnieuw solderen.

De ESL tikt of vonkt met een bepaalde regelmaat.

  • Hs-aansluitstrips maken contact met een stator. Strips weg buigen van de stator.
  • Folie tussen de buitenste afstandsstukken tikt of vonkt. Folie tussen de buitenste afstandsstukken insmeren met een mengsel van grafiet, water en ossengalzeep, en laten drogen.

  De ESL vonkt bij/ luide passages in de muziek.

  • Platen zijn niet goed gelakt. ESL-element demonteren en de platen een aantal malen overnieuw lakken.
  • Veldsterkte is te boog. Lagere boogspanning gebruiken.
  • ESL wordt overstuurd. Volume verminderen.

  De ESL produceert te weinig geluid.

  • Uitgangsspanning van de versterker is te laag. Versterker gebruiken die een bogere spanning kan leveren.
  • Hoogspanning is te laag. Hoogspanning verhogen.
  • Totale oppervlakte van de ESL is te gering. Meerdere ESL-elementen toepassen.

De ESL vervormt bij luide passages in de muziek.

  • De versterker kan de benodigde spanning moeilijk leveren. Andere versterker gebruiken die een hogere spanning kan leveren.
  • Folie heeft niet de vereiste mechanische spanning. ESL-elementen demonteren en opnieuw folie aanbrengen, die de vereiste spanning heeft.
  • Elementen zijn niet nauwkeurig gelijmd, waardoor d1 niet gelijk is aan d2. Element demonteren en opnieuw monteren.
  • Eén of meer membraansegmenten zijn statisch niet stabiel, dus de breedte van een segment is groter is dan 100 x d. Element demonteren en opnieuw monteren.
  • De gatenpatronen van beide elementdelen liggen niet goed boven elkaar, waardoor C1 niet gelijk is aan C2. Element demonteren en opnieuw monteren.

Een probleem dat zich in sommige gevallen voordoet is het doorslaan van de elektro­staat. Dat wil zeggen dat er een vonk overslaat van het membraan naar een stator. Mocht de elektrostaat doorslaan dan blijft hij toch gewoon doorspelen, dus gevaarlijk is dit verschijnsel niet. Veel problemen rond dit fenomeen kunnen worden voorkomen door nauwkeurig te werken bij de bouw van de ESL-elementen. Met name de kwaliteit van de laklaag van de platen is bepalend voor een storingsvrij leven van de elektrostaat. Verder is het van belang dat de (gesoldeerde) aansluitingen van de ESL-elementen van goede kwaliteit zijn.

In de meeste gevallen zal het bouwen van de ESL-elementen zonder al te veel proble­men verlopen.
Door het dipoolgedrag van de elektrostaat straalt hij naar twee kanten geluid uit. Het is zeker aan te bevelen om bij dit type elektrostaat te experimenteren met verschillende opstellingen van de elektrostaten. Men kan zo in de gebruikte luisterruimte een opti­male weergave bereiken.
In sommige gevallen heeft een lichte demping van de achterkant van de elementen een gunstig effect op de weergave, vooral als de ESL vlak voor een wand wordt opgesteld. Hiervoor zijn geen standaard regels te geven; men zal dit in de praktijk moeten uitpro­beren. Geschikte dempingmaterialen zijn BAF-dempingswatten of een oude wollen deken.

 

 


Start ] esl-club@dds.nl

Webmaster:
   
Copyright © 2002 ESL-club           


Laatst bijgewerkt: 18 maart 2002